Killian Overmeire (35) is terug. En hoe. De oude kapitein kreeg van Steven Schürmann spontaan de kapiteinsband overhandigd en toonde zich vrijdag tegen Seraing weer de stofzuiger voor de verdediger en was als van oudsher het verlengstuk van de trainer op het veld. Voor hij terugkeerde naar Daknam trainde hij wekenlang mee met de jonkies van Club NXT. Een beter excuus om met hem een goede babbel te hebben over het recente verleden hadden we niet nodig.

Hoe kwam je eigenlijk bij Club NXT terecht?

Na de teloorgang van Sporting koesterde ik nog de hoop om als profvoetballer aan de slag te kunnen. Eerst onderhield ik individueel mijn conditie, maar trainen zonder bal voor een voetballer? Dat gaat gewoon niet. Op trainerscursus zat ik in dezelfde groep als Carl Hoefkens, zowat de verbindingsman in Brugge tussen de eerste ploeg en Club NXT. Ik ken ook Pascal De Maesschalck, verantwoordelijke voor de jeugdopleiding bij Club Brugge. We waren er snel uit: het was een win win situatie voor beide partijen. Ik kon aan mijn conditie werken, de jonge spelers konden misschien van mijn ervaring iets opsteken. Even was er de kans dat één speler van boven de 23 mee zou mogen doen met het beloftenelftal, maar dat plan ging uiteindelijk niet door.

Hoe verliep je verblijf daar?

Ja, voor mij was het helemaal nieuw natuurlijk. Ik was nooit bij een andere club geweest dan Sporting Lokeren. Maar de aanpassing verliep uiterst vlot. Het zijn jonge gasten, hé, die begonnen onmiddellijk te praten. Ik was snel deel van de groep, al was ik misschien toch wel een beetje de vaderfiguur voor hen. Ik moet zeggen: ik was danig onder de indruk van hoe het er aan toeging. De trainingen daar, top gewoon. De infrastructuur, de begeleiding, heel professioneel allemaal. Coach Rik De Mil is ook zowat de ideale figuur om die jonge groep te begeleiden, vaderlijk als het kan, streng als het moet.. Maar hij wordt goed omringd. Er werd maar één keer daags getraind, maar heel intensief en minstens drie uur lang. Neem maar van me aan, die gasten zijn fysiek in orde.

Zag je zelf dat het om een talentrijke groep gaat?

Zonder meer. Ze koppelen talent aan een uitstekende werkethiek. Ze willen hard werken, ook als dat iets is dat ze minder graag doen, in het krachthonk bijvoorbeeld. Ik ben ervan overtuigd dat er heel veel van die jongens als profvoetballer gaan slagen. Misschien niet allemaal, maar toch een heleboel. Ik wil geen namen noemen van jongens in wie ik geloof, dat zou niet fair zijn. Het is ook moeilijk te voorspellen. Soms zag ik iemand op training bezig en dacht ik “waw”, maar die viel dan wat tegen in wedstrijden. Het omgekeerde gebeurde ook: iemand die er niet bovenuit stak op training, sleurde de groep dan mee tijdens de matchen. Ja, voetbal is geen exacte wetenschap.

Ondertussen ben je weer op Daknam, hoe verliep die terugkeer?

Als ik heel eerlijk mag zijn, dat was toch niet vanzelfsprekend. Ik moest me aanpassen. Ik was er net achter gekomen dat ik als prof niet meer aan de bak kon komen, ik had al zo lang geen match meer gespeeld. Maar collega’s die iets dergelijks hadden meegemaakt, hebben me overtuigd om er toch maar voor te gaan. Die eerste training had ik een dubbel gevoel. Enerzijds was ik aangenaam verrast door het niveau, er zijn heel wat jongens die een stukje kunnen voetballen. Anderzijds voelde ik niet die vonk, die goesting die ik vroeger altijd had. Die vonk kwam pas terug toen ik vrijdag op het veld stond tegen Seraing. Plots besefte ik weer hoe leuk het was een wedstrijd te kunnen spelen. Dat was een enorme opluchting, temeer omdat we het lang niet slecht deden. Ik weet natuurlijk ook wel dat de situatie anders is: nu wordt er ’s avonds  getraind, nu heb ik nog iets anders aan mijn hoofd dan enkel voetbal. Toen ik vroeger voetbalde, was voetbal het enige waar ik moest aan denken. Een luxe die ik pas nu echt naar waarde weet te schatten.

Je haalt het zelf aan, je doet nog wat naast het voetbal…

Ik had niet een duidelijk plan, maar ik rolde gewoon in een en ander. Met een vriend doe ik wat in de immobiliënwereld, niet iets heel erg groot, maar toch. Daarnaast ben ik sinds kort nu ook zaakvoerder van een industrieel poetsbureau in Eeklo. Natuurlijk had ik daar niets mee, ik ben er eigenlijk stommelings ingerold. Maar ik steek er wel heel veel op: hoe een bedrijf te runnen, omgang met werknemers, met klanten, een structuur neerzetten… Men noemde mij een leidersfiguur op het veld, maar een “leider” zijn van een bedrijf is toch totaal anders. Of ik dat mijn hele leven ga blijven doen? Hoogstwaarschijnlijk niet, maar ik doe ontzettend veel ervaring op in heel veel domeinen. Die kan ik zeker ook elders gebruiken. Ik wil later misschien toch nog iets betekenen in het voetbal, dan zal ik zeker voor een stuk kunnen terugvallen op wat ik nu overdag doe.

Wat verwacht je van de confrontatie tegen Club NXT?

Club NXT speelt vrijdag op Lierse zijn eerste wedstrijd in 1B na de winterstop. Ik weet dus niet met welke ploeg ze gaan aantreden. De bankzitters? Aangevuld met talentrijke jongens die nog jonger zijn? Of misschien zelfs met jongens uit de A-kern die te oud zijn om met Club NXT wedstrijdritme op te doen? Ik weet het niet. Maar ik kijk er wel naar uit, zeker na onze hoopgevende prestatie tegen Seraing. We moeten trouwens niet naar de tegenstander kijken, we moeten uitgaan van de eigen kwaliteiten. Het is hoe dan ook de ideale aanloop naar de bekerwedstrijd begin februari.

 

P