De nederlaag op KRC Gent kwam hard aan en was toch wel onverwacht. Of het moreel van de manschappen van coach Spaenhoven desondanks intact bleef, zal zaterdag moeten blijken op het veld van een ander KRC, namelijk dat van Harelbeke. Wij analysen voor jullie alvast onze tegenstander van zaterdag.

KRC Harelbeke dit seizoen

KRC Harelbeke maakt een eerder rustig seizoen door. De top halen zal niet meer lukken, degradatiegevaar is er niet, eigenlijk ook nooit geweest. Harelbeke vinden we terug op plaats 9 in het klassement, met 28 punten uit 20 wedstrijden. Er werd 7 keer gewonnen, 6 keer verloren en maar liefst 7 keer gelijk gespeeld, niemand uit de reeks speelde meer gelijk dan hen. Ze scoorden dit seizoen 29 doelpunten (ongeveer evenveel als Lokeren-Temse, 31) en incasseerden 23 tegendoelpunten (Lokeren-Temse 15). Ze verloren dit jaar nog nooit met spectaculaire cijfers, hooguit met 2 doelpunten verschil. Wat ook opvalt: hun niveau thuis- en uitresultaten zijn vergelijkbaar, wat bijvoorbeeld al geïllustreerd wordt door het feit dat ze zowel thuis als uit drie keer wonnen. De thuisoverwinningen zijn dan wel niet zo talrijk, ze kunnen wel tellen: 4-2 bijvoorbeeld tegen de toenmalige leider Ninove en net dezelfde cijfers tegen Oudenaarde. Uit waren er 0-2 zeges bij KRC Gent en bij Dikkelvenne.

De topscorer is de Nederlandse Gambiaan Lamin ‘Tony’ Solli (26 jaar, 1m77) met 8 doelpunten. Ook Enzo Vandekerckhove (7) en Charles Noppe (4), beiden vorig weekend geschorst, zijn goed bij schot en lopen er zaterdagavond normaal gezien bij.

De heenwedstrijd tegen KSC Lokeren-Temse stond op de tweede speeldag op het programma. Begin september speelden we voor het eerst thuis en we wonnen de wedstrijd met 1-0, doelpunt in minuut 11 van Youssef Boulaouali. Het leek een gemakkelijke zege te gaan worden, we hadden de wedstrijd de hele tijd onder controle. Toch werd het nog uitkijken op het einde.

De sportieve baas bij KRC Harelbeke is Bruno Derveaux (48), hij kwam in juli 2019 bij de club en heeft nog een overeenkomst tot 2024. Het geloof in hem is dus groot. Hij is ook onze gesprekspartner met wie we vooruitblikken naar de wedstrijd van zaterdag.

 

Interview coach Bruno Derveaux (48)

Met welke ambitie begon KRC Harelbeke eigenlijk aan dit seizoen?

Harelbeke wil in de eerste plaats financieel gezond blijven, vandaar dat we denken dat tweede nationale ons niveau is. Risico’s worden hier geschuwd. Natuurlijk willen we wel mooi voetbal brengen, maar dan het liefst en het meest met eigen opgeleide jongeren. Ik weet niet hoe het bij andere clubs zit, maar hier spelen de jongens enkel voor de wedstrijdpremies, ze hebben geen vast maandelijks loon. En kijk: dat lukt. Zelfs toen de coronacrisis op zijn ergst was, zijn we altijd blijven doortrainen, in kleine groepjes. En ondanks het feit dat er niks te verdienen viel, zag ik alleen maar enthousiasme en overgave, er werd hard gewerkt uit liefde voor de club. Dat geldt ook voor iemand als Ernest Nfor bijvoorbeeld: hij is voor de jongeren een soort vaderfiguur en heeft een prachtcarrière achter de rug, maar nu speelt hij voor peanuts, gewoon omdat hij uit de streek is en van het spelletje houdt.

Wat is de grote sterkte van dit Harelbeke?

Ongetwijfeld de mentaliteit, we zijn een ‘karakterploegje’, waartegen de meeste teams niet graag spelen. Ze zeggen wel eens dat we niet willen spelen, dat we alleen maar teren op onze vechtlust, maar dat klopt echt niet. Wie dat zegt, moet maar eens naar de wedstrijdbeelden gaan kijken, dan zal je zien dat we best wel aardig combineren, dat we ook kwaliteiten hebben. We willen echt wel verzorgd voetballen en dat lukt soms lang niet onaardig, zoveel is zeker.

Wat mij opvalt, heel veel draws…

Ik denk dat die vele gelijke spelen de keerzijde zijn van de medaille. Onze zwakte is misschien wel een beetje de onervarenheid. Zo verloren we al tal van punten. Maar wat wil je, zulke jonge jongens. Vorig weekend speelden we met niet minder dan acht spelers van -21, wie doet ons dat na? Goed, dat was eerder een uitzondering omdat we twee geschorste spelers hadden en nogal wat geblesseerden, maar toch. Opgelet, het is niet alleen de onervarenheid die ons wel eens nekt, we hadden dit seizoen toch ook al meer dan onze portie pech, zoals toen we de zege nog kwijt speelden in minuut 97 bijvoorbeeld. Anderzijds geef ik ook grif toe: de kwaliteit was er ook niet altijd in voldoende mate.

Nu zaterdag komt Lokeren-Temse op bezoek…

Ja, twintig jaar geleden was dat een wedstrijd uit de hoogste afdeling, nu dus iets helemaal anders. Op Daknam kunnen spelen was voor ons al een ervaring, ze hier te mogen ontvangen is dat zeker ook. Voor ons is dit een mooie affiche. Wij hebben gelukkig geen combiregeling, iedereen is welkom. We denken dat er ook nogal wat thuissupporters zullen zijn, dat er dus ambiance zal zijn. Dat voetbal nog eens een feest kan zijn. Sportief wordt het voor ons wellicht een moeilijke wedstrijd. Op Daknam hadden we het al niet gemakkelijk, al speelden we vooral in de tweede helft goed mee. Maar met alle respect voor de spelers van begin september: jullie team ziet er nu volledig anders uit. Er is echt wel een kwaliteitsinjectie geweest sindsdien. Welke coach uit tweede nationale beschikt over zo’n potentieel? En jullie trainer kent het spelletje door en door, hij zette een schitterende reeks neer. Daarom verbaasde het me oprecht dat aan die reeks vorige zondag een einde kwam, dat had ik niet verwacht. Maar kijk, het blijft voetbal en dat maakt ook de charme uit van het spel. We hebben ondertussen al tegen alle teams gespeeld en ik moet zeggen: ik vermoed toch dat jullie kampioenenmateriaal in handen hebben. Dat wil nog niet zeggen dat de titel halen vanzelfsprekend wordt, verre van zelfs.  Maar op het einde wint toch meestal de beste, niet? Feit is: we zullen zaterdag een goede dag moeten hebben. De geschorsten Enzo Vandekerckhove en Charles Noppe keren gelukkig wel terug, maar hoeveel geblesseerden van vorige week ik zal kunnen recupereren, is me nog niet duidelijk. En onze kern is al niet zo breed. Maar wie er ook zal spelen, karakter zal er zeker in de ploeg zitten. Afwachten of dat voldoende zal zijn om iets te rapen.      

P